Er ontstaat ruimte.
Niet omdat er oplossingen worden aangereikt,
maar omdat er eindelijk niet wordt ingevuld.
Mensen merken dat hun woorden langzamer worden.
Dat gedachten zich ordenen zonder moeite.
Er komt overzicht
in wat al aanwezig was,
maar nog geen plek had.
Niet opgejaagd.
Niet beoordeeld.
Wel gezien.
En vaak blijft er na afloop iets nawerken:
rust, richting, een zin die mooi afgestemd is.