De verademing van klassieke muziek

Wat een verrijking om te luisteren naar klassieke muziek en tegelijkertijd autobiografieën van onder andere Ayaan Hirsi Ali en Pim Fortuyn te lezen.

Ik voel me als twintiger enorm geraakt door de intensiteit van het geschrevene. En er is een gevoel van herkenning waar het gaat om het ‘zwarteschaap-gevoel’. De klassieke muziek klinkt verfijnd op de achtergrond. Ik wil meer.

Voor mij begint het beluisteren van klassieke muziek met de aanschaf van een cd-box. De cd-box heet Aangenaam Klassiek. Je krijgt veel verschillende muziek op twee of drie cd’s. De verkoopprijs is met tien gulden (€4,75) absurd laag.

Ik luister het liefst naar muziek waarbij de cello te horen is. De cd’s leren mij naar uiteenlopende klassieke stromingen te luisteren. De gedeeltes van de werken die adagio’s worden genoemd ontroeren mij het meest.

Ik hoef niet per se hele werken van begin tot eind te horen; een adagio vormt voor mij een soort samenvatting van het hele werk. Alles komt samen, valt weer uit elkaar en vormt zich uiteindelijk tot een compleet muzikaal overzicht.

In mijn net nieuw gekochte eerste huis wil ik dolgraag een houten muziekmeubel op vier poten. Super ouderwets, maar zo prachtig. Ze werden in de jaren zeventig massaal verkocht. Het voordeel van de techniek die in dit apparaat zit, is dat ik ook 78 toerenplaten kan afspelen met een speciale naald. Geniaal.

Het lukt me een complete opera op bakelieten platen aan te schaffen en mijn eerste opera te beluisteren. Met kaarslicht, een sigaar, pure chocolade en leren Santa Fe-laarzen from the States voel ik een intense blijheid.

Ik zoek steeds dieper in de wereld van klassieke instrumenten en dan vooral naar de diversiteit van dirigenten. Jaap van Zweden heeft een enorme aantrekkingskracht op mij. Hij voelt voor mij als een soort bezetene die ook nog mijn taal spreekt.

Jaap vertegenwoordigt voor mij alles wat met klassiek te maken heeft. Zijn vioolspel klinkt voor mij zo overtuigend. Als vanzelf. Hij inspireert met z’n authenticiteit, maar ook door zijn perfectionisme. Dat perfectionisme helpt hem, maar ik zie ook een man die worstelt.

Ik ben geen virtuoos, maar herken wel een soort Jaap van Zweden in mezelf. Met name wat betreft het gaan voor absolute diepgang.

Nu lijkt het me ook heerlijk om de muziek eens live te mogen ervaren. Ik ga naar de Mattheüspassie in het Haarlemse Concertgebouw. Wat een bedoening zeg, met zoveel opgetutte mensen.

Aangezien ik erg gevoelig ben voor stemmingen, ben ik binnen een uur door mijn energie heen. Gelukkig kan ik wel genieten van het eerste gedeelte van de Passie.

Jaren later komt er een versie van de Passie op de televisie. Dat is handig, want dan hoef ik zelf niet in de drukke mensenmassa mee te lopen. Deze Passiebewerking is groots opgezet. Vele bekende musicalsterren, acteurs en zangers spelen mee.

Aan het begin van de stoet wordt een zes meter lang verlicht kruis gedragen. De dragers zijn willekeurige mensen uit de samenleving. Ze vinden het een eer om het kruis te mogen dragen. De bekende Nederlanders spelen het verhaal in Rotterdam. Daar worden allerlei locaties uitgezocht waar een bepaald hoofdstuk uit de Bijbel het mooist tot zijn recht komt. Het voelt imposant. Ik merk dat ik gevoelig ben voor dit soort livebeelden. Het zijn verbondenheid en pracht die ik ervaar.

Tijdens de Kunst10-daagse 2018 in Bergen ben ik op weg naar kunstenaar Joshua Pennings. Op een gegeven moment fiets ik langs een heel klein huis en rij terug om het beter te bekijken. Er staat een bord in het tuintje met daarop de aankondiging dat er piano wordt gespeeld in het huisje van Simeon ten Holt. Hier heeft de grote meester dus gewoond en heel wat composities geschreven. Ook de Canto Ostinato.

Daar is een documentaire over gemaakt en draait in de Filmschuur in Haarlem. Dat is een plek voor alternatieve filmvoorstellingen. Het is 2011 en ik ben net een maand herstellende van mijn psychose. Wat een zenuwslopende tijd. Maar wat een geluk: door deze psychose kan er voor het eerst een officiële diagnose ‘bipolair’  worden vastgesteld.

Ik neem op weg naar de Filmschuur een afsprakenlijstje mee. Tijdens het reizen ondersteunt dit lijstje mij. Er staat precies opgeschreven wat ik bijvoorbeeld moet doen als ik met de trein in Haarlem arriveer en vervolgens naar de Filmschuur moet lopen.

Dit zodat ik niet afgeleid raak door andere routes. Dit lijstje heb ik samen met mijn partner opgesteld. Het voelt veilig, en onderweg merk ik dat het handig werkt, zo ‘indrukvrij’ mogelijk reizen.

Ik stap het gebouw in en word daar al vrij snel aangesproken door een dame. Zij herkent me maar weet niet waarvan. Ik herken haar in eerste instantie niet. Ze vertelt gepassioneerd over Simeon ten Holt en zijn Canto Ostinato, en we besluiten naast elkaar te gaan zitten in de Filmschuur. Heftig onder de indruk van de documentaire gaan we wat drinken aan de bar en hebben we het over woonplekken.

Ineens valt het kwartje. Ik ben de buurman geweest van haar inspirerende ouders. Zij komt veel bij haar ouders over de vloer. Zo ook met verjaardagen. Op een van die verjaardagen hebben we elkaar ontmoet en zijn we met elkaar in gesprek geraakt. Wat een leuke ontmoeting. Zij zorgt er later ook nog eens voor dat ik de Ostinato op een cd krijg toegestuurd.

Als ik eenmaal een veertiger ben, zal ik voor het eerst een livevoorstelling van meer dan drie uur kunnen beluisteren. Dat is te danken aan Simeon ten Holt met zijn sublieme Canto Ostinato. Mijn partner gaat met mij mee.

Wat een beleving: er wordt ook gebruikgemaakt van video. Muziek en beelden wisselen elkaar af. Het is een hele zit op een stoel, maar de klanken van de vier vleugels komen zó rechtstreeks bij me binnen. Ze raken mijn ziel. En wat heerlijk dat José, mijn vrouw erbij is.