Help! Ik ben een controlfreak

Tot een aantal jaren geleden verloopt mijn leven als in sneltreinvaart. Ruimte en tijd om situaties te verwerken ervaar ik nauwelijks. Laat staan ervan bij te komen. Hoezo op de rem trappen? Ik ben me absoluut niet bewust van het feit dat ik zelf op mijn rem kan trappen. Mijn leven hangt van activiteiten aan elkaar.

Maar ik vergeet pauze-momenten in te lassen. Ik ben een teaser en pleaser. Als ik echt mijn hart volg en wat minder mijn gedachten mijn leven laat bepalen, dan zie ik beter wanneer iets even kan wachten en wat nu belangrijk is om te doen of laten.

Ik maak mezelf wijs dat ik zoveel doe omdat ik me anders te pletter verveel. Het is leven van het ene uiterste naar het andere, en beide leveren hetzelfde ellendige gevoel van tegenstrijdigheid en niet begrepen worden op. Een intensiteit van ongelukkig voelen.

Maar het blijkt in de loop van de tijd dat ik vooral mezelf niet begrijp. Ik zit in een veranderproces, maar wil nog te veel controle houden over mijn leven. Ondertussen voel ik me dusdanig afgestompt en verveeld raken dat dat ook mijn privéleven danig beïnvloedt.

Ook doordat ik bijvoorbeeld avond na avond naar televisie-programma’s zit te kijken, die voor minstens de helft van de tijd, uit zich herhalende reclames bestaat. Tijd en ruimte voor stilte dus!

Mijn geliefde en ik besluiten de televisie de deur uit te doen. Lang leve Netflix en onze laptop. Ik raak weer wat vervuld door inhoud. Wanneer ik te gespannen ben en me continu zorgen maak over iets of iemand, dan breng ik mijn lichaam in hoogste staat van alertheid.

Mijn lichaam wordt zeer gevoelig, en daardoor raak ik makkelijk in paniek. Die angst is voor mij zo ongrijpbaar en eng. Mijn ademhaling wordt te hoog. Ik ga hyperventileren, en er ontstaat een paniekaanval.

Door deze angstgevoelens lukt mij niets meer. In gesprekken met vrienden blijkt bovendien dat ik met onopgeloste angsten rondloop. Dat ik angst voor de angst heb. Niet genoeg bevestiging krijgen, betekent voor mij op den duur een serie opgestapelde onzekerheden.

Die onzekerheden worden angsten. Vervolgens ben ik aan het hyperventileren, kan ik niet meer bij mijn gezonde bron komen en raak ik uitgeput. Dat is een belangrijke reden waarom ik vatbaar ben voor hyperventilatie.

Ik leef in een vicieuze cirkel en hol mijzelf ook nog eens uit. Na lange tijd en door veel oefenen heb ik minder zekerheid nodig van een ander. Zoals mijn beste vriend schrijft: ‘Jouw innerlijke schoonheid behoeft geen zekerheid, die is er gewoon.’

Ik kan genieten van de kassière die opkijkt en glimlacht omdat ze mij weer ziet. Datzelfde ervaar ik als iemand mij aankijkt. Ik vraag dan regelmatig wat voor leuks die ander heeft meegemaakt.

In overleg met mijn vrouw besluit ik ook na 25 jaar te stoppen met het werken in wisseldiensten. Wat een wijs besluit. Ik begin weer rust in mijn lijf te ervaren. Ik word niet meer geleefd door mijn gedachten.

Door alle inzichten die volgen, word ik vrijwel niet meer overvallen door paniekaanvallen.

Ik heb wel een extra stuk gereedschap ontwikkeld: minstens tweemaal per dag doe ik een tukkie, oftewel een powernap.

Even alles helemaal loslaten, anders vasthouden. Na ongeveer tien minuten ben ik weer helemaal fris in mijn hoofd.

Meestal ga ik dan even op de bank liggen. Ik zak dan even tien minuten weg, maar voordat ik echt in slaap val, sta ik op en vervolg mijn weg van die dag.

Deze tukkies blijven zorgen voor een natuurlijke rem. Deze onderbrekingen hebben als het ware mijn leven gered. Als ik onder minder spanning sta, dan ervaar ik minder stress, waardoor…

✅…mijn angst afneemt

✅…ik meer dingen zal durven

✅…ik meer ervaringen opdoe

✅…ik een voller leven krijg

✅…ik gelukkiger ben

Maar hoe subjectief is het begrip; gelukkiger zijn?

Ik vind een interessant artikel via HP-De Tijd; Hoe meet je geluk?

Onze kinderen zijn best gelukkig. Héél gelukkig zelfs, als je het vergelijkt met soortgelijke landen, zo meldt de World Health Organization (WHO). Maar is zoiets subjectiefs als geluk wel meetbaar?

Een verwend nest zal zichzelf desgevraagd niet zo snel ‘gelukkig’ noemen, terwijl een dankbaar kind zich al uiterst gezegend voelt als hij op de stoep mag ballen met zijn vriendjes. Geluk is dus een relatief begrip. En ook nog eens momentafhankelijk.

Want wat een twintigjarige gelukkig maakt (een avondje met vrienden clubben bijvoorbeeld), zal een zestigjarige weinig genot bezorgen.

Toch claimt de WHO, die berekende dat Nederlandse jeugd tot de gelukkigste ter wereld behoort, dat geluk meetbaar is. Hoe?

WHO Vooral gezondheid vindt het WHO heel belangrijk voor de geluksstatus. Fysieke gezondheid en gedrag, maar juist ook sociaal welzijn bepalen het geluk van een tiener. Zelfs als een kind armoede of andere slechte leefomstandigheden kent, kunnen ‘beschermende factoren’, soelaas bieden.

Een goede band met familie, vrienden, een prettige schoolomgeving en een fijne buurt zijn zulke factoren die maken dat een jongeling zich goed voelt, zegt de WHO in haar rapport.

Welzijn hangt ook niet per se samen met economische rijkdom: hoe rijk je familie is heeft namelijk niet zoveel invloed op je geluk. Wat wél invloed heeft, is hoe de rijkdom verdeeld is in het land waar je woont.

Bruto Nationaal Geluk, hoe geniaal gevonden?

In het Himalayastaatje Bhutan, één van de minst ontwikkelde landen ter wereld, gaat men nog verder in het meten van het welzijnsgevoel. Daar besloten ze ‘s lands rijkdom (of armoede) een jaar of veertig geleden maar niet meer weer te geven in een Bruto Nationaal Product, maar in het Bruto Nationaal Geluk (BNG).

Sinds 2005 gebruikt de Bhutaanse overheid de volgende negen pijlers om de voorspoed van hun bevolking te meten:

 ✔ psychologisch welzijn

 ✔ levensstandaard

 ✔ goed bestuur

 ✔ gezondheid

 ✔ onderwijs

 ✔ gemeenschaps-vitaliteit

 ✔ culturele diversiteit 

✔ tijdsbesteding

 ✔ ecologische diversiteit

Gemiddeld zijn de Bhutaanse geïnterviewden zo’n drie uur bezig met het invullen van een lijst met vragen op 33 indicatiegebieden verdeeld over deze negen pijlers (hier vindt je de excelfile mocht je jezelf willen testen), waarna de regering berekent hoe gelukkig haar onderdanen zijn.

In 2010 zat het BNG op 0.743, waarbij 0 slecht is en 1 goed. Wat viel op? Bhutaanse mannen zijn gelukkiger dan vrouwen, stadsbewoners gelukkiger dan plattelanders, en werklozen gelukkiger dan huisvrouwen, boeren en werknemers van grote bedrijven. Ongetrouwde en jonge mensen blijken het gelukkigst van allemaal.

Ook in ons land meten we geluk. Ruut Veenhoven, bekend als de ‘geluksprofessor’, houdt een database bij waarin hij gegevens verzamelt uit allerlei nationale onderzoeken en internationale vragenlijsten. Die vergelijkt hij en zo ontstaat een cijfer per land. Nederland krijgt van hem een 7,6; net ónder Canada (7.8) en net bóven Brazilië (7.5).

Naast onderzoeken met vragenlijsten zijn er nog de wetenschappers die geluk meten aan de hand van genen. Ben je de drager van een bepaald gen, dan heb je volgens hen twee keer zoveel kans op gelukkig zijn dan iemand anders die dat gen niet heeft.

Het gen helpt namelijk bij de verspreiding van serotonine, wat zorgt voor een gevoel van tevredenheid. Niet alleen nurture (koesteren), maar ook nature (natuur), speelt volgens deze wetenschappers dus een belangrijke rol voor een gelukzalig gevoel.

Het ‘meten van geluk’ lijkt een steeds serieuzere aangelegenheid te worden, waarvan we allemaal profiteren. Als we immers weten wat ons gelukkig maakt, kunnen we daar het beleid op aanpassen.

Maar alle ‘objectieve’ metingen ten spijt: als je puppy wordt aangereden, je baas je ontslaat of je lievelings-oom komt te overlijden, ben je nog steeds gewoon diep ongelukkig. Hoe goed de objectieve omstandigheden misschien ook zijn.

Dakloos

Weer in Nederland aangekomen, kan ik een aantal maanden in het huis van een stel toenmalige vrienden logeren. Ze zijn voor een aantal maanden met vakantie, dus dat geeft mij mogelijkheden om ondertussen naar een andere ruimte uit te kijken.

Via de moeder van een vriendin huur ik vervolgens van een oude dame een grote zolderruimte. Ik raak verder berooid en ziek en ik moet uiteindelijk het huis met de mooie zolder uit.

En daar sta ik dan, met een koffer vol persoonlijke spullen en geen dak meer boven mijn hoofd. Ik voel me machteloos en in paniek. Na een week dakloos te zijn geweest en in mijn auto, met dak,  te hebben overleefd, kom ik uiteindelijk via de gemeente terecht in een Haarlems pension.

In het pension bouw ik net als in de periode nadat ik in elkaar geslagen was door skinheads een straatvrees op. Deze ontwikkelt zich alleen veel trager, maar ook venijniger. De vrees sluipt er als het ware geruisloos in.

Ik word zelf ook stiller en stiller. Zonder me helemaal af te sluiten voor het sociaal leven durf ik de voordeur niet meer open te doen. Uiteindelijk sta ik iedere dag zo’n drie uur te proberen naar buiten te gaan om bijvoorbeeld de dagelijkse boodschappen te doen.

De angst die ik voel is het best te omschrijven als wat ik ben gaan noemen FOD Fietsen met Ogen Dicht;

  • Stel je eens voor dat we besluiten van het mooie weer te gaan genieten en onze fietsen te pakken. Jij fietst naast me en ik zeg ineens tegen je: ‘Oké, doe je ogen drie tellen dicht en blijf ondertussen doorfietsen.’ Na deze drie tellen doe je je ogen uiteraard weer open.
  • Maar ik zeg tegen je dat je ze direct weer dicht moet doen, en nu net zolang tot ik zeg dat je ze weer mag openen. Je fietst dus in het duister. Wanneer word je uit deze ellendige en zeer gevaarlijke situatie gehaald? Fietsen met de ogen dicht voor onbepaalde tijd komt in de buurt van de gevoelens die horen bij mijn straatvrees.

Ik wil zo graag een normaal leven, maar doe er al uren over voordat ik naar buiten loop om op de hoek mijn dagelijkse portie friet met frikandel te kopen. En als die eenmaal is gekocht, ga ik als de sodemieter weer terug naar huis.

Zo verloopt mijn leven meer dan een jaar lang. Ik word er letterlijk helemaal gestoord van en vraag om een vier weken durende observatie op een open afdeling van een psychiatrische instelling.

Daar wordt de diagnose depressie gesteld en krijg ik antidepressiva. Hoe kom ik in godsnaam met wilskracht nog uit mijn heikele situatie? Tijdens mijn herstel besluit ik om mijn focus te richten op het opnieuw vinden van werk.

In een weekkrant valt mijn oog op een vacature. Er wordt een taxichauffeur gevraagd voor een familiebedrijf. Ik kom dan te rijden in Haarlem en omgeving. Ik heb leren omgaan met mijn minder geworden straatvrees en ga ervan uit dat het nieuwe werk mij ook zal helpen om m’n vrees verder te laten verdwijnen.

Ik ben me niet bewust van mijn te hoge ademhaling. Die veroorzaakt mijn paniekaanvallen. Maar hoe ga ik mijzelf presenteren? Met pure wilskracht. En ook niet geheel onbelangrijk is het om toch vooral mezelf te blijven.

Het voordeel dat ik verder heb, is dat dit taxibedrijf een familiebedrijf is. Als ik binnenloop in het taxikantoor, voel ik de warmte van familieleven. Zoonlief is bezig om de toko van zijn vader over te nemen. Hij is heel geconcentreerd en zelfs een beetje nerveus. Dat maakt het voor mij ook wat gemakkelijker om in gesprek te komen.

Ons gesprek verloopt soepel en ze besluiten me aan te nemen. Ik moet alleen nog even via de huisarts een medische verklaring krijgen dat ik geschikt ben om in een taxi te kunnen rijden.

Nou, ik kan je vertellen dat dat me best wel benauwt. Ik heb al zoveel medische dingetjes gehad dat ik toch wel benieuwd ben of ik door de keuring heen kom. Bij de huisarts aangekomen, moet ik een vragenlijst invullen en neemt de arts wat proeven af. Ik krijg direct een positieve medische keuring mee.

Wat voel ik me opgelucht. Een nieuwe fase in mijn leven start hier. Ik woon nog in het pension maar wil na deze stap voorwaarts weer graag een eigen onderkomen. Kopen hoeft niet per se; even een tijd iets anders huren voelt als een redding.

Een appartementje zou prima zijn. Ik ga op jacht. Ik adem met hulp weer wat meer vanuit mijn buik. Het buitenkomen doet me goed, dus zo langzamerhand heb ik minder last van mijn angsten en voel ik weer hoop.

De taxiwereld is een hele speciale wereld. In het begin rij ik overdag, maar na enige maanden worden dat avond- en nachtdiensten.

Onwetendheid is funest voor iemand die zo af en toe last heeft van een bipolaire stoornis. Vooral de nacht is een wereld op zichzelf. Iemand die het nachtleven niet kan ervaren, zal zich moeilijk voor kunnen stellen hoe anders de sfeer is.

Zelf ervaar ik de nachten vaak als gemoedelijker en stukken relaxter. Ik ontmoet veel excentriekelingen en mensen onder invloed. Vooral degenen die met meerderen onder invloed van harddrugs zich agressief gedragen, ervaar ik als lastig.

Ik verlies mezelf gemakkelijk in de emoties van een ander. Om dergelijke lastige ritten zonder escalatie door te komen, is het zaak dat ik mezelf bescherm door mezelf te blijven. Op zeker moment stapt een groep van vier mannen in.

Ik voel direct de adrenaline naar m’n hoofd stijgen. Ze ruiken naar oud zweet en hebben een geur van sigaretten om zich heen hangen. Het lijkt wel of ze strak staan van de xtc of cocaïne. Eigenlijk had ik ze moeten weigeren, maar dat is gezien de agressieve sfeer die er vanaf de eerste seconden al hangt niet handig. Dan zou ik direct klappen oplopen.

Ik meld me bij de centrale en vermeld dat ik hoop dat deze rit goed zal verlopen. Als een soort waarschuwing vooraf. We hebben een noodknop waardoor je taxikanaal opengaat en open blijft staan.

De centrale kan dan alle geluiden in de taxi live volgen. Bovendien kunnen alle werkende collega’s meeluisteren. Mijn klanten vragen zich af waarom ik tegen de centrale zeg dat ik ‘hoop dat deze rit goed zal verlopen’. Die mannen luisteren natuurlijk ook mee. Deze rit is ook nog eens van de stad naar een strandplaats. Dat zijn veel kilometers.

Door mezelf kwetsbaar op te stellen, voorkom ik ternauwernood dat de woordenwisseling die volgt, escaleert in een vechtpartij. Dan besluit ik de taxi te stoppen en neem een enorm risico. We staan nog net in de stad, dus ik stel de mannen voor om niks aan mij te betalen en ander vervoer te regelen.

Degene die naast mij zit wordt in eerste instantie kwaad, maar zijn vrienden vinden het een goed idee. ‘Het is een kut-chauffeur, man, en dan moeten we ook nog helemaal naar de beach. Echt niet.’

Doordat ik constant oogcontact vermijd, kruip ik vermoedelijk door het oog van de naald. Ze besluiten uit te stappen. Opgelucht haal ik adem, doe mijn raampje naar beneden voor wat frisse lucht en meld me bij de centrale.

En dan moet je nog het grootste gedeelte van de nacht rijden. Gelukkig heb ik die nacht verder alleen maar fijne klanten.

Op een van de nachten is het erg druk met klanten. Rond een uur of vier in de ochtend merk ik zoals wel vaker dat ik echt bekaf ben. Op zulke momenten is het moeilijk om mijn ogen open te houden.

Toch wel handig als je dan besluit om je af te melden en naar huis gaat om te slapen. Maar ik wil heel graag nog een paar klanten oppikken, zodat ik wat extra fooi kan vangen. Ik rijd langs het station: geen klanten.

Nog één ritje door het centrum van de stad: geen klanten. Signalen genoeg om te stoppen, maar ik baal en pak nog een laatste straat. Het volgende moment doe ik mijn ogen open en blijk ik op een geparkeerde auto te zijn geknald. Wonder boven wonder geen gewonden. Mijn taxi is flink beschadigd. Mijn baas wordt wakker gebeld en komt langs. Hij is de rust zelve en vertelt dat vrijwel alle taxi chauffeurs wel eens tegen oververmoeidheid aanlopen. Het is de bedoeling dat je leert dat het dan de hoogste tijd is om te stoppen met rijden. De taxi wordt weggetakeld en naar de remise gereden.

Maar ik schaam me diep. Hij legt uit dat dit vele chauffeurs gebeurt, omdat het zo moeilijk is om te stoppen. Taxi-rijden heeft iets verslavends. Bipolaire stoornis? Nooit van gehoord. Hij brengt mij naar huis en zegt tegen mij dat ik eerst maar slaap in moet gaan halen, en dat ie me daarom de eerste drie dagen niet op het werk wil zien.

Een genereus aanbod waar ik dankbaar gebruik van maak. Ik kom tot het inzicht dat ik echt rustmomenten moet inlassen door de dag heen. Zo kan ik ’s avonds en ’s nachts beter en veiliger functioneren. Tegelijkertijd besluit ik om me heen te gaan kijken in de taxiwereld.

Het wordt tijd om uit te kijken naar een taxibedrijf waar ik alleen maar dagdiensten hoef te draaien. Uiteindelijk kom ik bij de grootste taxicentrale in de stad. Ik solliciteer en word aangenomen. Deze switch betekent wel dat ik van een personenauto overga op een personenbus.

Ik kom uiteindelijk op een fijne woonplek in mijn geboortedorp te wonen, en nog wat later vind ik een pracht van een huurplek in een zogenaamde zusterflat. Er gaat een wereld voor me open. Na regelmatige en verontrustende vlagen van depressies en stemmingswisselingen stap ik een verfrissend nieuwe omgeving binnen.

Hoe voelt het om niet perfect te zijn?

Alles wat ik in dit artikel met je deel, is gebaseerd op mijn persoonlijke ervaringen. Dus hoe voelt het voor mij, om niet perfect te zijn? Dat kan beangstigend zijn. Mijn ideaalbeeld wil namelijk steeds weer de kop opsteken; Wees perfect! Wees goed! Doe je best!

Mijn ideaalbeeld wil het weer overnemen. En vaak zal het daarin slagen. De onrust neemt weer toe, en ik ga van alles doen om beter te worden en anders te zijn.

Ik maak mijzelf onbewust iets wijs over wie ik ben of hoop te zijn. Ik vertel mijzelf wie ik liever wil zijn. Ik ontken de aspecten van mijzelf, die ik niet wil zijn. Ik vorm een opgedreven, verbeterd zelf en identificeer ik me met dit idee over mijzelf.

En ik verhit of bevries wanneer mijn zelfbeeld in het gedrang komt. Het wordt een gevangenis van onrust, spanning en subtiele angst, want er is altijd die onzekerheid en iets wat ik beter moet doen.

Ik kan dit niet volhouden. Vroeg of laat storten zal ik instorten. Na 3 burn-outs in 5 jaar gebeurt mij dat dan ook. Mijn verbeterde zelf kan niet overeind blijven, en valt in stukken uiteen. Het verhaal over mijzelf, waarin ik zo geïnvesteerd heb, houdt geen stand meer.

En mijn gevoel van waardeloosheid, leegte en eenzaamheid neemt het over. Machteloos en vol schaamte en schuldgevoel, trek ik mezelf terug en neem niet meer echt deel aan het leven. Ik val compleet stil!

En toch voel ik diep van binnen dat dit moment uiteindelijk het meest waardevolle in mijn leven kan worden. Met compassie, mededogen blijk ik bij mijn pijn te kunnen komen. Wel met kleine stappen mezelf snappen, zodat er iets nieuws kan ontstaan.

Brené Brown inspireert mij  intens, als zij spreekt en vertelt in haar boek over De kracht van kwetsbaarheid!

SCHULD EN SCHAAMTE

Tijdens mijn eigen proces van bewustwording, omtrent mijn persoonlijke ervaringen met de kracht door kwetsbaarheid en mijn belemmerende overtuigingen daarbij, heb ik mijn overtuigingen kunnen tackelen, door mijn LEVENSVERHAAL TE VINDEN, TE VERTELLEN EN TE DELEN. Hieruit is JouwInterview.nl, ontstaan.

Ik heb gemerkt, dat ik geen controlfreak meer hoef te zijn van mijzelf.  Perfectie voelt voor mij als angst. Maar angst waarvoor?

Met name angst om te falen en niet kunnen voldoen aan verwachtingen die anderen van mij hebben. Ik moet voldoen. Dat heeft mij uitgeput.

Uiteindelijk ben ik zo goed als angst vrij, durf ik mezelf kwetsbaar op te stellen en geniet ik intens van het mogen delen van mijn levenservaringen met anderen door middel van het schrijven en vertellen van mijn levensverhaal.

Ook mijn vriendenkring is grotendeels verandert. Mijn vrienden en ik zijn gelijkwaardig aan elkaar. Ik kan en mag helemaal mezelf zijn, met mijn plussen en minnetjes.

Vanuit deze gebeurtenis, heb ik een autobiografie geschreven, lezingen en presentaties over mijn bipolaire stoornis gegeven, en  zijn de huiskamerlezingen met als thema de kracht door kwetsbaarheid, ontstaan.

Nu herken ik mijn belemmerende overtuigingen, met als resultaat dat ik vooruit kom in het leven, dat ik een plezieriger gevoel heb en dat meer lukt.

Siska Kroondijk weet als geen ander de kracht van Ver halen te beschrijven;

We hebben verhalen nodig die ergens dieper gaan dan het alledaagse, die je ergens aanraken waardoor je het gevoel krijgt alsof er een deken van warmte om je heen wordt geslagen.

Waar je een ‘Jaaaaaa’ van herkenning ervaart en weet dat dit in je eigen diepste spelonken van je ziel en innerlijke wereld ook zo is.


Verhalen die schrapen over het bot van de resonerende pijn, maar nog meer in het hart roeren door de liefdesstromen die erdoor heen gaan…

 Ze zijn bijna zeldzaam…

 Ze gaan voorbij ‘bedachte theorieën, kennis, weten en het geleerde…’

 Ze zijn zo voelbaar, waar de woordenstroom tussen de regels door heen sijpelt, waar een dieper weten en herkenning wordt aangeraakt…

 Die vuurvonk, dat licht in jezelf…

 Dat je niet gek bent geweest, nu niet, en nooit zal zijn…

 Dat je gevoel wel degelijk klopte, je intuïtie altijd heeft gesproken…

 Dat er iets in je spreekt, iets aanklopt met een waarheid die zo ongekend en onbemind is, maar wél in al je cellen roert…

Verhalen als medicijn voor de ziel!

Flikker toch op met al die angsten

Clear-your-Fear, inzichten om angsten de baas te worden. Benoem, verbrand, verklein je angst en bedenk een anti-angst tekst. Bijvoorbeeld; Ik ben niet mijn angst. Al die angsten vreten al je energie weg. Ze beheersen heel je leven. En ik kan het weten.

Een groot gedeelte van mijn leven staat regelmatig in het teken van stemmingswisselingen, met angst en paniek aanvallen tot gevolg.

Totdat het hyperventileren, als gevolg van die panische angsten, mij zo uitgeput heeft dat ik letterlijk om hulp schreeuw. En lucky me ik leer in 2000 mijn liefde van mijn leven José kennen.

Zij heeft mij onvoorwaardelijk lief, wat een opluchting, wat een wijsheid. José heeft mij gezien en gehoord.

Ik weet dan nog niets van de bipolaire stoornis, waar ik regelmatig last van blijk te hebben. Die diagnose is pas in oktober 2011 gesteld.

Na veel vallen en opstaan gaat er een wereld van ‘adem-mogelijkheden’ voor me open en krijg ik mijn ademhaling definitief in balans. Samen met de liefde van José en mijn kinderen hervind ik mijn zin in het leven.

Heel af en toe komt er een stemmingswisseling met een lichte angst opzetten, maar dat is altijd in indruk wekkende situaties.

Ik heb mezelf inmiddels zo getraind dat ik de wisselingen in angst/paniek altijd weer weet op te laten lossen. Iedere dag doe ik bijvoorbeeld minstens 2 powernaps van maximaal 10 minuten.

Na de lunch en na het avondeten even wegzakken en dan direct opstaan en met een activiteit aan de slag.

Het onderbreken levert me zo vaak heldere inspiratie op. De wetenschappers hebben niet stil gezeten, en hebben inmiddels aangetoond dat door even een pauze te nemen, een netwerk van hersencellen achter in je hoofd die voor je inspiratie en ideeën zorgen, zichtbaar veranderen. Ze groeien als het ware minuscuul.

Het pauzeren is voor mij ook noodzakelijk om alle indrukken op mijn eigen tempo te kunnen verwerken. Dit om overprikkeling en de daarmee samenhangende angstaanvallen, te voorkomen.

De liefde en onder andere de ademtherapie hebben me mijn leven terug gegeven. Wat was de ademtherapie verschrikkelijk eng in het begin. Ik werd uit mijn ‘comfortzone’ getrokken, maar langzaam aan verbeterde mijn levenskwaliteit.

De begeleiding bij het weer opnieuw bewust leren ademen, was geweldig. de begeleiders waren ervarings-kundigen. Zij wisten precies waar ik doorheen ging.

Tussen de ademsessies door ben ik als extra afleiding een natuurlijk materiaal gaan zoeken waar ik graag mee zou willen werken. Ik zie het ruwe hout, voel mogelijkheden en ben verkocht.

Beeldhouwen met hout, het is mijn lust en mijn leven geworden. Bewust ademen en ruw hout bewerken in de natuur in bijvoorbeeld mijn houtwerkplaats in de open lucht, is voor mij als zuurstof, als innerlijke noodzaak geworden.

Ik heb mijn leven inmiddels optimaal afgestemd op het verwezenlijken van mijn droom; Tijd doorbrengen met mijn dierbaren, er voor jou zijn, schrijven en vrouwen en mannen interviewen, zodat zij zich gehoord en gezien voelen om wie zij ten diepste zijn.

Centraal bij eventuele angstaanvallen staat je bewuste ademhaling vanuit je onderbuik. Via je mond 4 tellen inademen en langer dan 4 tellen via je mond uitademen. Jij bepaald je ademhaling, het ademen moet voor jou ontspannen voelen.

In jouw proces van doen, meer dan praten alleen, ga je vergissingen maken. Deze vergissingen kunnen je verder in je proces weer grandioze inzichten geven. Ik heb zoveel last van zogenaamde faalangst gehad.

Voelde me super onzeker en kreeg black-outs, als ik bijvoorbeeld op school moest presteren op een vaststaande manier en een vaststaande tijd. Examentijd was voor mij een meer dan gemiddelde hel op aarde.

Ik scoor om de examens heen hoge cijfers, maar zit stijf van angst in de zaal, als ik examen moet doen. Op school vertellen ze dat ik last heb van faalangst. Maar ik herken me niet in die omschrijving.

En hoe komt het dan dat ik in één keer slaag voor mijn theorie rijexamen en mijn praktijk rijexamen in 18 lessen ook in één keer haal?

Voor mij heeft dat met motivatie te maken. Door school raak ik niet gemotiveerd, integendeel ik vind het voornamelijk zonde van mijn tijd al die vastgestelde roosteruren. Het hele proces van het behalen van mijn autorij-examen heeft me, vanaf de 1e minuut, tot het einde geboeid.

Verder ontwikkelde zich rond mijn 18e een straatvrees. Na een avond stappen in de stad met mijn vrienden, word ik door een groep skin-heads afgetuigd. Stijf van de angst sta ik op zeker moment eindelijk vol goede moed voor de deur.

Ik durfde niet naar buiten, bang dat deze groep me zou staan opwachten en hun werk zouden afmaken. Begrijpelijk, maar niet realistisch. Toch legt deze vrees mijn leven lam!

Controle, controle en nog eens controle willen houden over mijn levenssituaties en daarmee mijn stemmingswisselingen. In plaats van meebewegen met het leven ontwikkelt zich bij mij een controledrang.

Ik word een controlefreak. Maar ik heb helemaal niets in de hand, laat staan controle over mijn leven. Er komt op zeker moment zelfs letterlijk niets meer uit mijn handen, een bijna apathisch gevoel. Dat heeft me er lange tijd van weerhouden om voluit te leven.

Vrijheid betekent alleen maar dat je niets meer te verliezen hebt. Erkenning en waardering heb je niet langer meer nodig. Welkom! Ik ben niet mijn gedachten, dus ook niet mijn angst.

Toch kon ik soms zo bang zijn voor iets, hoe onlogisch of onredelijk ook, dat het me verlamt. En hoe meer ik mijn angst voed, hoe groter de invloed ervan op mijn leven.

De toverwoorden zijn LUISTEREN EN RELATIVEREN. En het materiaal dat mijn leven een verdiepende dimensie heeft gegeven en mij leert luisteren en relativeren, is hout. Het verzamelen van ruw hout, het ontdekken hoe ik het materiaal het beste kan bewerken.

Beeldhouwen vooral met hout, ik snap er in het begin geen bal van. Hoe en met wat voor gereedschappen kan ik aan de slag, met de diversen soorten hout. Al onderzoekende en in gesprek raken met oude hout-baasjes, levert een schat aan luisteren en relativeren op. Door de natuur leer ik nederig te luisteren en te relativeren. Zij vertelt mij al haar geheimen. De natuur bepaald, niet ik!

Uiteindelijk zijn twee molens in Haarlem medebepalend geweest op het levenskruispunt waar ik sta. Welke kant wil ik op? Welke richting maakt me weer gelukkig?

De houtzaagmolen ‘Eénhoorn’ aan de rivier het Spaarne in Haarlem, en het mogen deelnemen aan het herbouw-team van stadsmolen de Adriaan, ook liggend aan het Spaarne en die in 1936 door brand is verwoest.

Omdat ik zo geboeid werd door het ambachtelijke zagen lukt het mij om iedere zaterdag als vrijwilliger naar de molens te gaan. Mijn straatvrees verdween op die momenten als sneeuw voor de zon.

Het team bij beiden molens bestaat uit jonge en oude mensen. Man en vrouw. Van hun leer ik om op mijn ademhaling te letten. Niet hoog, maar vanuit je buik ademen. Ik blijk voortdurend te hyperventileren, zonder dat ik het door heb.

Het bizarre van het hele houtverhaal is niet dat zij mij van horen zeggen, dure ademhalings- therapieën adviseren. Nee, ze hebben het helemaal niet over hyperventilatie. De sfeer was gewoon heel intiem. Ik mag volledig mezelf zijn en ik leer rust te ervaren.

Mijn molencollega’s hebben me toen, zonder dat ik me daar in 1e instantie van gewaar ben, de powernaps geleerd, die mij het plezier en gedrevenheid weer hebben teruggegeven.

De naps en eigenlijk dus de magie van efficiënt nietsdoen, zij hebben mij m’n authenticiteit en onbevangenheid weer doen voelen.

Al die magische rust is eigenlijk niets anders dan even niet druk met iets bezig zijn. Ik ben dan kalmpjes naar een punt in de verte aan het staren en laat mijn gedachten de vrije loop. Of ik drink een borreltje of een kop koffie tussen de houtbezigheden door.

Tijdens dat efficiënt nietsdoen hadden we de meest inspirerende gesprekken met elkaar. Over allerlei levens en materiaalzaken. Ik leer hoe de gereedschappen te gebruiken en hoe ik houtsoorten kon onderscheiden. Oud en jong en jong en oud gezamenlijk een doel, dat zeker.

Maar hoe, wanneer, wat en met wie we uiteindelijk de restauratie tot een eind brachten, deed er veel minder toe, dan het groepsproces waar we aan deelnemen. Wat een super leerzame tijd. En ik overwin mijn faal angst en mijn straatvrees en ik zeg hardop; “En nou opgeflikkerd met die angsten”

De ‘corona’ kat

Vrijdagmiddag besluit ik vanwege het mooie weer een wandeling te gaan maken naar een idyllische haven, zo’n tien minuten bij ons vandaan. Mijn inspiratie voor het schrijven van een nieuwe blog, is ver te zoeken. En als ik fysiek in beweging kom, ontstaat er bijna altijd een verhaal.

Deze keer heb ik pech, hoe heerlijk de wandeling ook is, geen inspiratie. Op de terugweg van het wandelen, heb ik trek gekregen. Ik besluit uit te proberen, of ik voor een kroket bij de stations-snackbar terecht kan. En ja hoor, een parcour ‘uitgestickerd’ op de vloer, een in-en uitgang.

Na mijn bestelling moest ik buiten wachten op mijn snack, om vervolgens mee te nemen en ergens verderop op te eten.

Ondertussen zie ik dat het perron nog steeds behoorlijk leeg is, ondanks de versoepeling van maatregelen met betrekking tot reizen met het openbaar vervoer. Ik schat dat er zo’n 15 passagiers staan te wachten op de trein met eindbestemming Nijmegen.

Er hangt een ontspannen sfeertje en ik besluit, na mijn bestelling te hebben gedaan, op een bank voor de snackerie te gaan zitten. Als ik eenmaal zit, raak ik ontroerd door een prachtige donkergrijs-zwarte kat, die als een boeddha, op een soort tafeltje zit.

De kat trekt de nieuwe perron-gangers aan, stuk voor stuk lopen ze naar deze ‘kat-op-tafel’, en gaan hem vervolgens aaien. Zo aandoenlijk, er ontstaan gesprekjes tussen deze treinreizigers en mij, over de aantrekkingskracht van zo’n prachtig krachtig beest. En dat op een treinperron.

Na reiziger zes, schiet me ineens beelden te binnen van grote plakkaten met daarop “Houd altijd anderhalve meter afstand, ook bij versoepeling van maatregelen”. Ik voel een schrik zich meester van mij maken. Zo van sh*t, iedereen wordt door deze Boedhha-kat aangetrokken, en iedereen gaat hem aaien.

De RIVM;

Uit onderzoek blijkt dat katten ziek kunnen worden van het nieuwe coronavirus. Vooral jonge katten blijken na besmetting ziek te worden. Net als bij mensen, krijgen katten luchtwegklachten. Ook kunnen ze maag- en darmproblemen krijgen. In Nederland zijn bij enkele katten antistoffen gevonden tegen het nieuwe coronavirus. Dit betekent dat de katten besmet zijn geweest met het virus.

Als katten ziek worden, kunnen ze het virus uitscheiden via de keel/bek en via de ontlasting. Er is nog geen duidelijk bewijs dat katten elkaar kunnen besmetten. In experimenteel onderzoek is dat wel aangetoond, maar het is onbekend in hoeverre dit onder natuurlijke omstandigheden kan plaatsvinden. Hiervoor is meer onderzoek nodig. Het risico van kat-op-katbesmetting wordt op dit moment als klein ingeschat.

En toch…bekruipt mij een gevoel van verwarring;

We worden er door de regering op gewezen gefocust te blijven met betrekking tot het nieuwe normaal. Maar voor mij persoonlijk is het geen nieuw normaal, het is meer een kwestie van je gezond verstand gebruiken.

Wij mensen gebruiken de symbolische afstand van anderhalve meter en het dragen van mondkapjes voor mijn gevoel vooral om in ieder geval IETS aan zelfbescherming te doen. Preventief is niet perse effectief.

Een kat aaien ervaar ik als niet effectief. Maar de neiging om te aaien is zo groot, ik merk het bij mijzelf ook. Toch ben ik mij bewust van mijn verantwoordelijkheid om de RIVM-adviezen ter harte te nemen. Voor mij dus ook anderhalve meter afstand tot katten.

Natuurlijk wil ik niet doorschieten in het beschermen van mezelf. Doorschieten de andere ‘vrije’ kant op wil ik ook niet. Ik heb het niet nodig om mijn anderhalve meter afstand ten opzichte van medemensen, onbewust te compenseren met het aaien van een kat.

Saillant detail, als de trein arriveert doen alle passagiers netjes hun mondkapje voor en sommige dragen plastic handschoenen. Zo volgen we de maatregelen op. Maar zijn we ons nu bewust hoeveel Corona-virus-varianten er zijn? Ik ben me ervan bewust dat nieuwe besmettingen op de loer liggen. Dat heeft niets met angst te maken, maar alles met realiteit!

Er blijken volgens het RIVM dus steeds weer nieuwe virussen te ontstaan, en dat is precies wat er de afgelopen weken is gebeurt. Dit keer is het virus, een tweede golf is onderweg. Het is niet meer de vraag of, maar wanneer de nieuwe besmettingen gaan plaatsvinden. Volgens Ernst Kuipers van het Landelijk Coördinatiecentrum Patiënten Spreiding, zal de tweede besmettings-golf rond het najaar starten. (Bron BNR-gezondheid 26 mei 2020)

Het nieuwe coronavirus;

Er zijn veel verschillende soorten virussen, waaronder de zogenoemde ‘coronavirussen’. Voorbeelden van coronavirussen zijn MERS Middle East Respiratory Syndrome -CoV coronavirus  en SARS severe acute respiratory syndrome -CoV1, dat een zusje is van SARS-CoV-2, dat in 2003 rondwaarde.

Het nieuwe coronavirus heet officieel SARS-CoV-2. 

Aannemelijk is dat het nieuwe coronavirus (mei 2020) in China van dieren is overgegaan op mensen. De vorm van coronavirussen is opvallend. Als je het virus onder een elektronenmicroscoop bekijkt, zie je uitsteeksels met een bolletje erop. Dat ziet er een beetje uit als een kroon. De Latijnse naam voor kroon is corona. Hij is dus genoemd naar zijn vorm.

Wat ik met bovenstaande feiten wil aangeven, is dat ik me bewust wil blijven van mijn eigen verantwoordelijkheid. Niet alleen naar mijn vrouw, kinderen, familie en dierbaren, maar ook naar andere medemensen. Ik wil niet verslappen en houd mezelf op de hoogte via bronnen die de updates omtrent virussen het best kunnen waarborgen.

Ik ga graag op onderzoek uit en maak daarbij gebruik van betrouwbare bronnen als het RIVM en bijvoorbeeld Business Nieuws Radio.

Die feiten in combinatie met mijn gezond verstand en passie voor kracht door kwetsbaarheid, zorgen ervoor dat ik ook genoeg ruimte in mijn intense leven heb, om te ontspannen en te luisteren naar de verhalen van andere mensen. Dat luisteren is het liefste dat ik doe.

Genoeg wetenswaardigheden. Hoe is het nou afgelopen met de Corona-kat?

De kat vind het welletjes en besluit van zijn Boeddha-tafeltje af te springen, en een stukje langs het perron te lopen, om vervolgens doodleuk en super relaxt een halve meter te gaan zitten. Alsof hij ook wacht op de eerstvolgende trein.

Ik loop naar het Boeddha-tafeltje toe en zie de tekst ‘pick-up Point’, zie staan. Wat?, daar word mijn snack straks neergelegd? En ja hoor, het duurt zeker 10 onverklaarbare minuten, maar dan is mijn snack ook klaar.

Mijn kroket wordt neergelegd, gelukkig zit er wel een papieren zak omheen. De eigenaar van de snackerie haalt , als ik een veilige eetplek heb gevonden, nog wel even een doekje over het Boeddha-tafeltje.

En hoe loopt het af met de kat?

Uit het verhaal van een vaste NS-reiziger, heb ik begrepen dat het baasje van de kat ongeveer twee kilometer van het station woont. Inmiddels hoort de kat bij het stations-interieur, want iedere keer als de kat na een telefoontje vanaf het station, opgehaald wordt door het betreffende baasje, dan komt de Corona-kat doodleuk weer teruglopen, en begint het avontuur weer van vooraf aan.

Eind goed, al goed!

Dat vergeef ik je nooit

Vergeving is volgens de algemene opvatting het iemand niet meer kwalijk nemen van een ernstige daad. Vergeven wordt dan gedaan door diegene die geestelijk of materiële schade heeft geleden.

Bron; Wikipedia

Een hindoe wiens zoon door een moslim was vermoord, zocht Mahatma Gandhi op en vroeg; “Hoe kan ik de moslims ooit vergeven?. Hoe kan ik ooit weer vrede vinden, nu mijn hart zo vol haat zit jegens degenen die mijn eigen kind hebben vermoord?”

Gandhi raadde de man aan om een kind van de vijand te adopteren, dat wees was geworden, en dit als zijn eigen kind op te voeden.

Ik kan jou niet vergeven

Zelf heb ik tussen mijn 20e en 40e levensjaar, een aantal mensen intens gehaat. Zoveel onrechtvaardigheid kan ik niet verwerken. In plaats daarvan ontwikkel ik een niet te stoppen haat. Maar waarom eigenlijk? Waar komt die haat vandaan? Wat zegt dat over mij?

In oktober 2011 krijg ik de diagnose, dat ik af en toe last van mijn bipolaire stoornis zal hebben.

Als ik verder terugkijk op mijn leven, dan kan ik gerust stellen dat ik mijn hele leven te regelmatig lijd onder extreme stemmingswisselingen, maar daar nooit vat op krijg. Nu heeft het beest een naam en beginnen we (mijn dierbaren en ik), te werken aan mijn herstel. Ik accepteer nu ook makkelijker hulp, ik ben zo uitgeput!

En dan te bedenken dat je met een bipolaire stoornis kampt met een tekort aan een zout-element met de naam lithium-carbonaat. Ik maak het te weinig aan, waardoor ik ter compensatie lithium slik. Doe ik dat niet, dan ga ik van extreem vrolijke gedragingen, naar diep depressieve. Dat is echt overleven geblazen.

Tijdens mijn herstel maakt mijn mindset ook een enorme ontwikkeling door. Ik ben zo dankbaar dat ik nog leef. Ik realiseer me dan hoe ik voor mijn diagnose in het leven sta, en hoe ik merk dat ik verander, meer bewust ga leven. Dat voelt verrijkend!

Mijn persoonlijkheid in combinatie met mijn fysieke gesteldheid, heeft mij zo lang in slachtoffer-stand gehouden. Alles en iedereen in mijn omgeving heeft het verkeerd gedaan. Ik wijs zo gemakkelijk met mijn vinger, gericht op een ander, Ik verzuur en ben vaak onaangenaam en irritant tegenover mijn medemens.

Met het herstel komt ook mijn rust weer terug. Welleswaar met veel vallen en opstaan, maar wel gestaag, voel ik me opknappen. Wat zouttekort niet met mensen, met mij, kan doen. Ik denk direct aan suikerziekte, ik snap dat ineens allemaal veel beter.

Als mensen niet goed genoeg staan ingesteld op insuline, kunnen zij hele rare gedragingen vertonen. Insuline en lithium carbonaat, LEVENSREDDERS!

Mijn persoonlijke ontwikkelingen verlopen, zoals eerder gemeld, als in een sneltreinvaart. Het eerste wat ik ben gaan inzien, mede dat ik tot rust aan het komen ben, dat ik een behoorlijk aantal vals beschuldigt heb. Dat is zo’n vreselijk besef.

Toch, als ik zo regelmatig last heb gehad van de bipolaire stoornis, is de schade uiteindelijk te overzien. Maar hoe ga ik met deze inzichten om? Waar moet ik in godsnaam beginnen met excuses te maken voor mijn gedrag, en hoe doe je dat?

Bipolair zijn betekent voor mij ook extra gevoeligheid, een zevende zintuig, die juist van pas kan komen, als ik de confrontaties aanga. Als ik in balans ben, voel ik heel snel aan hoe mensen in elkaar zitten; wat voor bedoelingen hebben ze, en vooral kijk ik dwars door maskers heen.

Elisabeth Kübler-Ross,

om een volmaakt leven te kunnen leiden, dienen we te vergeven. Vergeving is dé manier om krenkingen en kwetsuren te laten genezen, en de band met anderen en onszelf te herstellen. We worden allemaal wel eens gekwetst. We verdienen dit niet, maar de pijn of het verdriet voelen we wel degelijk. En als we eerlijk zijn, dan moeten we toegeven dat we zelf vrijwel zeker anderen ook wel eens kwetsen. Het probleem is niet zozeer de krenking zelf, maar dat we deze niet kunnen of willen vergeten. Daarom blijft de krenking pijn doen. We lopen in het leven voortdurend dergelijke kwetsuren op, en zijn niet getraind om ermee om te gaan. Op dat moment is vergeving belangrijk. Vergeving is een keuze.

Vaak heeft deze 7e eigenschap (intuïtie in het kwadraat), mij overprikkeling opgeleverd. De hoeveelheid intense indrukken is dan zo groot, dat ik ze niet voldoende kan filteren. Alle gevoelens gaan dan door elkaar heen lopen, en ik raak geprikkeld, zonder enige vorm van gezonde focus.

Met als gevolg dat ik me niet gehoord of gezien voel. En daar zit mijn knelpunt. Ik ben dan terecht gekomen in een vicieuze cirkel en hol mezelf steeds verder uit. Gelukkig besef ik het gebruik van mijn negatieve mechanisme steeds sneller. Nu kan ik makkelijker ingrijpen.

Dat houd in dat ik me realiseer dat ik eerst mijzelf zal moeten vergeven, wil ik in staat zijn een ander te vergeven. Of nog lastiger, ik zal leren mijzelf te vergeven, zodat een ander de ruimte voelt om mij te begrijpen en als ik mazzel heb, te vergeven.

Elisabeth Kübler-Ross, vergeving kan ironisch genoeg ook een egoïstische daad zijn, omdat ze belangrijker is, voor degene die verwond werd dan voor degene die verwondde.

Stervende vinden vaak een soort vrede die in hun leven ontbrak, omdat sterven laten gaan betekent; en dat geldt ook voor vergeven. Als we niet vergeven, blijven we zitten met oude wonden, krenkingen en boosheden. We houden het ongelukkige deel van ons verleden levend en geven voedsel aan onze wrok. Als we niet vergeven, worden we slaven van onszelf

Ik vind het heerlijk om te schrijven, dus besluit om een plan te gaan schrijven, een plan van sociale aanpak. Alleen al het met het plan bezig te zijn werkt helend. Mijn overzicht komt terug en ervaar voor het eerst in jaren weer focus.

Die gebruik ik om in het plan gedetailleerd te beschrijven welke mensen ik mijn excuses wil gaan maken. De betreffende confrontaties van toen schrijf ik op, als een soort levensmoment in een notendop. Op het moment dat ik 1 pagina vol heb geschreven, schrik ik me rot. Wat heb ik veel mensen onheus bejegend.

Toch blijf ik vol goede moed, het mag niet als excuus dienen, maar mijn onwetendheid over het af en toe last hebben van een bipolaire stoornis, helpt mij enorm om gefocust te blijven. Deze stoornis heeft mij met zekere regelmaat de afgrond in laten donderen. Dan krijg ik steeds weer steun en toeverlaat van een handje vol intimi. Zij zijn als een soort van alternatieve ‘guardian-angels’.

Voor de rest leef ik grotendeels in eenzaamheid. Ik blijf zo vriendelijk en sociaal mogelijk tegenover andere mensen. Het is helaas een masker, ik ervaar mezelf als een vreemde eend in de bijt. Maar ik zie licht aan de horizon.

De lange lijst word door mij ingekort, tot meest urgente excuses! Als alles uitgeschreven is, maak ik een planning in mijn agenda. Dit zorgt ervoor dat ik een ritme ontwikkel, waarin ik niet teveel hoef na te denken. Het enige dat echt nodig is, is dat ik voldoende rust heb genomen, voordat ik bij deze gekwetste mensen langs ga. Mijn rust zorgt hopelijk voor makkelijker begrip, en vergeving.

Mijn insteek is en blijft excuses die ik ga maken. Wat daar uit voortkomt is het minst belangrijke. Hoewel, eerlijk gezegd zou het hartverwarmend zijn, als zij mij kunnen vergeven. Ik ga op reis, mijn eerste excuses gaan gemaakt worden.

Ik voel me wat nerveus, maar op mijn gemak als ik aanbel. Het duurt even voor de deur opengaat. De betreffende persoon schrikt zich een hoedje en kijkt niet blij, laat staan ontspannen. Tranen wellen op, ik veeg ze weer weg en let op mijn ademhaling. Het gezicht van de ander ontspant enigszins, en ik voel ruimte om mijn excuses aan te bieden.

De eerste zit erop, en mijn excuses zijn geaccepteerd, wat een opluchting. Gelukkig heb ik besloten om, om de dag mijn lijstje te volgen. Het helpt enorm dat ik de rust in mijzelf zoek, en mezelf vergeven heb. Zodoende ervaar ik een oprechtheid in mezelf, waardoor mijn masker niet meer nodig is. Op een aantal na, heeft iedereen mijn excuses zeer op prijs gesteld. Een nieuwe wereld gaat voor me open, en terwijl ik dit schrijf voel ik de pijn van toen even. Mijn tranen van opluchting nemen het al gauw over!

Elisabeth Kübler-Ross, vergeving heeft veel te bieden, onder andere dat gevoel van volmaaktheid dat, naar we stellig dachten, permanent door de boosdoener van ons weg was genomen. Het beidt ons de vrijheid om weer te zijn wie we zijn. Iedereen verdient een kans om zichzelf en zijn of haar relaties een nieuwe start te geven. Die kans is de magie van vergeving. Als we anderen of onszelf vergeven, vinden we genade. Zoals een bot na een breuk sterker is dan voor het brak, zo kunnen onze levens sterker zijn wanneer de vergeving onze wonden heelt.

Slotwoord;

Pas als ik me bewust ben geworden van mijn onmacht, onwetendheid en angst, kan ik mezelf vergeven. Ik kom tot besef dat mijn gevoelens zijn voortgekomen uit oordelen. Ik veroordeel een ander, zonder zijn of haar situatie echt te kennen. Mijn eigen gecreëerde slachtofferschap gebruik ik als excuus om een ander te kwetsen. Niet zozeer expres, maar ik kan het niet laten. De ommekeer vind plaats als ik hulp krijg en ruimte ervaar, mijn gedrag onder een loep leg en me ten diepste schaam. Mijn sterrenbeeld is ook nog eens Schorpioen. dat doet me denken aan een verhaaltje.

Ken je het verhaaltje van de kikker en de schorpioen?

De schorpioen staat aan de rand van een rivier en wil graag naar de overkant. Maar ja, een schorpioen kan niet zwemmen. Hij kijkt om zich heen en ziet een kikker. Bij de kikker aangekomen vraagt de schorpioen of hij op de rug van de kikker, mee naar de overkant mag. De kikker reageert verbaasd; “Als ik dat doe dan steek je me onderweg in mijn rug en zal ik sterven”.

Maar beste kikker dat is toch niet logisch, als jij verdrinkt, dan verdrink ik ook. Ik zal je dus zeker niet steken. De kikker is overtuigd, en neemt de schorpioen op zijn rug. Halverwege voelt de kikker een venijnige steek en zegt direct tegen de schorpioen, dat ze nu allebei zullen verdrinken. “Waarom heb je dat gedaan?” En de schorpioen zegt; Ik kan er niets aan doen, het is mijn natuur”.

Mijn ervaring is gelukkig dat nare situaties, zich weer ten goede kunnen keren. “Dat vergeef ik je nooit”. Zo luidt de titel van dit artikel. Door met de figuurlijke billen bloot te gaan, mijn proces daarin heb gerespecteerd, heb ik mezelf vergeven.

En daardoor is er ruimte vrijgekomen, ook bij de betreffende anderen. En in 99% van de situaties, ben ik vergeven. En ik vergeef die 1%, die mij om de één of andere respectabele reden, niet hebben kunnen vergeven. Daar zijn en blijven we mensen voor.

Word ook zichtbaar

In mijn Houttuin, een buitenwerkplaats aan de rand van een boerenerf, weet ik van te voren vaak niet wat ik ga doen. Ik pak uit de houtwal een mooi stuk hout en ik ga aan de slag, zonder te weten wat er uit een gevonden stuk hout, zal ontstaan. Ik ben aan het beeldhouwen.  

De Houttuin werkt als een onderzoeksruimte in de buitenlucht. Ik sta letterlijk zonder muren om mij heen. Zo open en bloot op het boerenerf, voel ik me kwetsbaar, iedereen kan me tenslotte bezig zien en horen. Er komt regelmatig een onwaarschijnlijke rust en gevoel van vrijheid over me heen. Ik ‘speel’ dan onbevangen als een kind, in een Houttuin zonder muren. Magisch!

Er opent zich een kracht in mezelf die ik niet eerder heb gekend. Een authentieke, eerlijke kracht die mijn kwetsbaarheid omarmt.  

Ik ervaar ruimte in mijn hoofd en lijf, ruimte voor compassie en liefde. Kwetsbaar zijn is echt en puur zijn, tussen 2 momenten door. Ik deel dan mijn gevoel in dat tussen-moment met een ander, bijvoorbeeld; mijn onrust, blijheid, onzekerheid of dankbaarheid.

Ik ben van 1965 en een groot deel van mijn leven heeft in het teken gestaan van angst en paniek aanvallen. Totdat het hyperventileren tussen 1990 en 2000, als gevolg van die panische angsten, mij zo uitgeput heeft dat ik letterlijk om hulp schreeuw.

Die hulp komt er in de vorm van ademtherapie. Ervaringsdeskundigen ondersteunen mij in het weer opnieuw leren ademen, vooral vanuit mijn buik. Als het 2000 is ontmoet ik ook nog eens de liefde van mijn leven José.

Ik weet dan nog niets van de bipolaire stoornis, waar ik regelmatig last van blijk te hebben. Die diagnose is pas in oktober 2011 gesteld.  

Na veel vallen en opstaan en vooral door mijn perfectionisme met steeds kleine stappen los te laten, krijg ik mijn ademhaling definitief in balans.  

Samen met José en mijn kinderen, hervind ik mijn zin in het leven, en ontdek ik de helende werking van schrijven, en het delen van levensverhalen.

Ik besluit een autobiografie over mijn levenservaringen te gaan schrijven en voel me inmiddels bevrijd van mijn ideaalbeeld. Na het publiceren van Bipolair, mijn geheim over leven, volgen er lezingen en presentaties.

Er gaat een nieuwe wereld voor me open; spreken voor een klein publiek! Door me kwetsbaar op te stellen, hoef ik dus nergens meer aan te voldoen, Ik ben wie ik ben, en dat voelt helemaal ok.

Nu ik kwetsbaar durf te zijn, heb ik een intiemere relatie met José, vrienden, mijn kinderen en familie. Deze instelling is van grote invloed geweest op mijn werk: ik ben productiever, creatiever en laat mijn intuïtie spreken. De rem is weg, ik ben vrijer van belemmerende overtuigingen

Al die overtuigingen. Denk zelf maar eens terug aan iets waar je vroeger heilig in geloofde, en nu niet meer.

Sommige overtuigingen zijn handig, en sommige zijn niet meer houdbaar en dus onhandig en vooral belemmerend in je dagelijkse leven. Meestal heb je het zelf niet eens door, dat je hiermee jezelf tekort doet.

Laat je niet afleiden bij jouw volgende schrijf-stappen. er is tijdens het schrijven geen ruimte voor belemmerende overtuigingen, zoals;

 Iedereen moet mij aardig vinden

Goedkeuring van anderen is belangrijk voor je. Je laat je leiden door wat anderen van je denken. Kritiek maakt je onzeker. Je probeert iedereen te vriend te houden. Je kunt jezelf geen slechte dag of een slecht humeur toestaan.  

Herken je dit? Dan kan het helpen om je overtuiging om te vormen naar: Ik kan beter mezelf respecteren dan afhankelijk te zijn van het respect van anderen. Of: Ik ben een waardevol mens, wat anderen ook over mij denken.

 Ik mag geen fouten maken

Je steekt nodeloos veel tijd en energie in het vermijden van fouten. Je krijgt last van faalangst. Faalangst is perfectie! Je veroordeelt jezelf op basis van een fout. Je verwacht van anderen ook dat ze perfect zijn en wordt hierdoor veelvuldig teleurgesteld.   Je moet presteren om je de moeite waard te kunnen voelen.   Mag je geen fouten maken? Vervang die gedachte maar door: Ik mag fouten maken. Of: Van je fouten kun je leren.

 Alles moet precies gaan zoals ik wil

Je kunt er heel slecht tegen als dingen tegenzitten. Als iets niet meteen lukt, raak je van slag of word je boos. Je probeert altijd je zin door te drijven. Je maakt je onnodig druk over dingen die niet te veranderen zijn.   Ja! Deze herken ik bij mezelf. Ik wil altijd graag dat dingen op mijn manier gaan. Dus ik moet vaak tegen mezelf zeggen: laat het los, de dingen zijn zoals ze zijn.   Of: als ik het niet kan veranderen, dan heeft het ook geen zin om me er druk over te maken.

 Alle ellende wordt veroorzaakt door factoren buiten mij

Jij kunt er niks aan doen. Je zult sterk de neiging hebben om anderen verantwoordelijk te stellen voor het onheil dat je overkomt. Dit is de slachtofferrol.  

Vorm hem om door te denken: het zijn niet de gebeurtenissen die mij in de problemen brengen maar het is mijn interpretatie daarvan. Of: wat is mijn aandeel in dit geheel en wat kan ik dan wel doen?

 Ik ben zoals ik ben en dat zal altijd zo blijven

Je kunt er niks aan doen, dit is wat het is. Je neemt geen verantwoordelijkheid voor de manier waarop je je gedraagt en hoe je je voelt. Wanneer iemand je op je gedrag aanspreekt, doe je het af met “Zo ben ik nou eenmaal”.  

Deze uitspraak kom ik onder andere in mijn interview-werk in vele vormen tegen. Als je deze gedachte herkent, vorm hem dan snel om, want dat zal je veel nieuwe mogelijkheden geven! Dus dat ik de dingen tot nu toe zo gedaan heb, betekent niet dat ik dat altijd zo zal moeten blijven doen. Of: anders denken, is anders doen. Of: als jij het kunt, kan ik het ook leren.  

Perfectie is faalangst

Faalangst achtervolgt mij de eerste 25 jaar van mijn leven. Het geeft mij een intens, sluipend en misselijkmakend gevoel. Het heeft mij in lastige situaties regelmatig verlamd, vooral op momenten dat mijn stresslevel in zeer korte tijd explosief toeneemt.

Bijvoorbeeld op school, als er toetsen en proefwerkweken en examens worden afgenomen. Ik krijg door een ongezonde manier van ademhalen een soort van black-out. Het blijkt hyperventilatie te zijn, maar dat weet ik dan nog niet. Het maakt me intens onzeker.

Tegen het mbo-examenjaar wordt zichtbaar dat het niet goed gaat met mij. Na drie jaar hoge cijfers te hebben gehaald, scoor ik steeds lagere cijfers in de aanloop naar de tentamens en het eindexamen. Het lukt me niet om de leerstof erin te stampen. De leerstof boeit me gewoonweg niet. Op school zeggen ze dat ik last heb van faalangst. Ik herken mij niet in deze omschrijving.

Diep vanbinnen voel ik intense boosheid en onmacht naar het hele schoolsysteem. Ik ben niet dom; eigenlijk verveel ik me rot, en het lijkt erop dat ik daardoor ook minder presteer. Dit gevoel betitelen als faalangst voelt als een klap in mijn gezicht. Het werkt zo stigmatiserend. In die tijd echter heb ik geen flauw idee hoe één en ander mentaal en fysiek werkt.

Ik kan mezelf onvoldoende motiveren, en op school weten ze daar geen raad mee. Bovenstaande situatieschets laat precies zien wat ik steeds meer ga doen: onderzoeken en analyseren. Twijfelen en vervelen. Falen, angstig zijn en me vooral diep somber voelen. Ik praat met niemand over mijn gevoelens. Het is gemakkelijker voor me om te spelen dat ik opgewekt ben en een opgeruimd karakter heb. Alsof ik een gelukkig leven heb.

Mensen ervaren mij als spontaan, gezellig en rustig. Wat een kwelling. Toch krijg ik niet het gevoel dat ik wat aan mijn houding kan veranderen. Ik huil en niemand die het ziet. Ik haal met een herexamen mijn diploma en ga door naar het middelbaar beroepsonderwijs, het Ondernemerscollege.

Ook hier weer een vliegende start. En ook hier weer die snel opkomende verveling. Opnieuw de zogenaamde faalangst die om de hoek komt kijken. In het examenjaar kom ik weer in de problemen. Ik ga me steeds verder terugtrekken op mijn slaapkamer, draai muziek als troost en kom in aanraking met klassieke muziek. Er gaat een nieuwe wereld voor me open. Met mijn spaargeld ga ik op jacht naar de mooiste adagio’s. Ik val als een blok voor die van Mahlers vijfde, die hij speciaal voor zijn vrouw heeft gecomponeerd, uit liefde voor haar. Ik ben zó onder de indruk: heel anders dan alle popmuziek waar ik ook nog steeds naar luister. Het verfijnde van muziek luisteren zit hem voor mij in het openstaan voor beide muziekvormen.

Toch gaat het in dat mbo-examenjaar steeds slechter met mij. Ik voel me zo onzeker en steeds depressiever worden. Alles ontglipt me. Ik kan er met niemand echt diepzinnig over praten. Maar mijn zwaarte heeft voor mijn gevoel niets te maken met mentaliteit. Aan wilskracht ontbreekt het me niet. Het depressieve voelt lichamelijk. Over gebrek aan serotonine heb ik toen helaas nog nooit gehoord.

Op een gegeven moment wordt er bij mij thuis op de voordeurbel gedrukt. Een schoolvriend en -vriendin staan voor de deur en ze vragen mij hoe het gaat. Uit schaamte durf ik ze niet eens even binnen te laten. Voor het eerst vertel ik ze wel dat het helemaal niet goed gaat met me. Ze kunnen bijna niet geloven dat ik dat zeg. ‘Hoe kan dat nou? Je bent altijd zo opgewekt.’ ‘Ja, ik weet het, maar dat is alleen maar ter bescherming van m’n ware gevoelens.’

Ik durf er niet over te praten, bang dat ze mij als loser zien, zou betekenen dat mijn wereld in elkaar stort. ‘Heb je het er met je ouders over?’ Mijn ouders zijn schatten van mensen, maar ze vinden het ook lastig om met mijn somberheid om te gaan. Mijn vrienden gaan geraakt weer weg, en als de deur eenmaal dicht is, begin ik op mijn kamer onbedaarlijk te huilen.

Het lukt me ook na een herexamen niet om mijn diploma te halen. Gelukkig krijg ik uiteindelijk wel deelcertificaten voor de meeste vakken die ik gehaald heb. Dit betekent dat ik toch gewoon door kan leren. Wel weer heel bijzonder is dat ik vervolgens mijn theorie-examen voor m’n rijbewijs, op mijn achttiende in één keer haal en na achttien lessen ook mijn rijbewijs in één keer haal. Autorijden boeit me mateloos.

Inspiratiebron; Autobiografie ‘Bipolair, mijn geheim over leven’, geschreven door René Booms.